Steviol glycoside wat is het?

Op verpakkingen in de supermarkt zul je bij de ingrediënten geen stevia tegenkomen. Stevia is tenslotte de naam van de plantenfamilie of van de zoete stevia variant uit die plantenfamilie en níet van de zoetsmakende stoffen die ze uit de stevia halen om in producten te verwerken. Die geraffineerde stoffen uit stevia zijn steviol glycosiden.
Als je wilt weten of er stevia verwerkt is in bijvoorbeeld een zoetmiddel, snoep of frisdrank dan moet je dus niet kijken of je ‘stevia’ ziet staan, maar kijken of er ‘steviol glycoside’, ‘stevioside’ of ‘rebaudioside’ bij de ingrediënten vermeld staat.

Hoe wordt steviol glycoside gemaakt?
Steviol glycoside werd voor het eerst commercieel geproduceerd in Japan, in 1971. De firma Morito Kagaku Kogyo was de eerste die op een efficiënte, commerciële manier de zoetsmakende stof uit het stevia rebaudiana plantje wist te extraheren.

Het scheikundige proces waarmee de steviol glycosiden uit het stevia plantje worden gehaald is behoorlijk ingewikkeld maar je kunt het principe ervan vergelijken met dat van kristalsuiker.
Kristalsuiker is een geraffineerd product dat uit suikerbiet gewonnen wordt. Uit de suikerbiet worden alle andere voedingsstoffen gehaald tot er pure sacharose overblijft. Die sacharose is de witte suiker zoals wij die allemaal kennen.
Ook bij het winnen van steviol glycosiden uit stevia wordt de stevia bewerkt totdat er alleen de steviol glycosiden overblijven. De stoffen die stevia de typerende smaak en groenige kleur geven zijn bij dit eindproduct verdwenen. Wat er overblijft is een wit poeder dat vele malen zoeter is dan kristalsuiker.

De steviol glycosiden die uit de stevia gewonnen worden, zijn onder te verdelen in verschillende stoffen. De twee belangrijkste zoetstoffen zijn:

  • Stevioside: Ongeveer 5 tot 10 procent van de stevia plant bestaat uit stevioside. Deze zoetstof is tot wel 300 keer zoeter dan gewone kristalsuiker (sacharose).
  • Rebaudioside: Ongeveer 2 tot 4 procent van het stevia plantje bestaat uit rebaudioside. Deze zoetstof smaakt het minst bitter en kan tot wel 450 keer zoeter zijn als gewone kristalsuiker.

Er zijn nog meer steviol glycosiden maar vooral de twee die hierboven beschreven zijn, worden dus commercieel gebruikt vanwege hun enorme zoetkracht.

Waarom gebruiken fabrikanten niet gewoon stevia?
Nieuwe voedingsmiddelen worden bij ons altijd eerst uitgebreid getest voordat fabrikanten het mogen gebruiken in hun produkten. De stoffen worden aan allerlei onderzoeken onderworpen en er moet eerst wetenschappelijk bewijs zijn dat voldoende ondersteunt dat het nieuwe voedingsmiddel veilig is voor consumptie. Ook stevia moest deze weg afleggen voordat het voor consumptie verkocht mocht worden.

Stevia bestaat al lang, is puur natuur maar toch is het nog een relatief onbekend plantje. Welke stoffen er nu precies allemaal in zitten, is nog niet bekend. Er is nog heel wat meer onderzoek nodig om alle stoffen in stevia te identificeren en om er achter te komen of ze veilig zijn.
En dus hebben de voedselautoriteiten nog geen groen licht gegeven voor het commerciële gebruik van het hele stevia plantje. De geraffineerde steviol glycosiden mogen wél gebruikt worden. De hoeveelheden die fabrikanten in een product mogen verwerken, zijn overigens wel aan een limiet gebonden. Hierdoor bevatten de meeste producten met stevia nog steeds andere zoetstoffen of suikers náást de stevia bestanddelen.

De ongeraffineerde stevia, in de vorm van gedroogde en / of vermalen blaadjes, wordt dus niet door voedselproducenten gebruikt in voedingsmiddelen maar is wel op internet of in een natuurvoedingswinkel te krijgen. Het is binnen de Europese Unie dan overigens verplicht dat er een waarschuwing op de verpakking staat. Deze luidt bijvoorbeeld dat het stevia product niet is goedgekeurd voor menselijke consumptie of dat het alleen geschikt is voor uitwendig gebruik.